Recent is meer dan 60 meter archief van de commissie tot bescherming van de maatschappij van Gent geïnventariseerd
Ontstaan van internering
In het begin van de 20ste eeuw werden ‘krankzinnige of geesteszwakke’ personen die strafbare feiten pleegden, ontslagen van strafrechtelijke vervolging en gecolloqueerd in een psychiatrische voorziening. De wet van 9 april 1930 bracht hierin verandering en voegde internering aan het strafrechtelijke instrumentarium toe. Internering werd gezien als een veiligheidsmaatregel die de maatschappij moest beschermen tegen ‘abnormalen’ en gewoontemisdadigers.
De uitvoering van de internering werd toevertrouwd aan speciaal hiertoe in het leven geroepen commissies, die werden ingesteld bij de psychiatrische afdelingen van de gevangenissen. In 1964 wijzigde hun naam in commissies tot bescherming van de maatschappij.

Archief van Gentse commissie
Het archief van de Gentse commissie tot bescherming van de maatschappij is nu geïnventariseerd voor de periode 1931-2002. Deze commissie was bevoegd voor alle door het gerecht geïnterneerde mannen en vrouwen in Oost- en West-Vlaanderen. De commissie besliste in welke inrichting zij geïnterneerd moesten worden Zij besliste ook over de invrijheidstelling op proef of de definitieve vrijlating.

Dossiers van de geïnterneerden
Een heel interessante reeks die werd gecreëerd door de commissie zijn de dossiers van de geïnterneerden, die tot 1992 in deze inventaris zijn beschreven.
Elk dossier bevat de beslissingen van de commissie, de beschikking tot internering, de uiteenzetting van de feiten die aanleiding hebben gegeven tot de internering, informatie inzake het gerechtelijk verleden, deskundigenverslagen en psychiatrische rapporten over de geestestoestand van de geïnterneerde tijdens zijn opsluiting en stukken over reclassering.
Normaliter is ook het opsluitingsdossier bewaard in het dossier van de commissie, evenals het moreel dossier én het antropologisch-medisch dossier van de geïnterneerde. Hierin zitten vooral administratieve documenten betreffende de hechtenis, zoals tuchtbriefjes, fiches van de bezoekers, de morele boekhouding, medische informatie (van fysieke en psychische aard), het sociaal dossier met enquêteverslagen en foto’s van de geïnterneerde.

Onderzoek from below
Voor onderzoek from below zijn vooral de door de geïnterneerden zelf opgestelde documenten van belang. Met name hun brieven en verzoekschriften aan de gevangenisdirecteur of voorzitter van de commissie waarin zij hun gedrag en handelingen verklaren en rechtvaardigen geven ons een inkijk in het beeld dat geïnterneerden van zichzelf hebben.
Op basis van deze dossiers kan de penitentiaire loopbaan van een geïnterneerde worden gereconstrueerd, maar meer algemeen leveren ze ook een bijdrage aan de geschiedenis van de psychiatrie en maken ze het mogelijk onderzoek te verrichten naar (de evolutie in) de manier waarop geïnterneerden doorheen de 20ste eeuw zijn geobserveerd en behandeld.
Toelating van procureur-generaal
Aangezien dit archief zeer gevoelige persoonsinformatie bevat en strafrechtelijke materie betreft, is voor de raadpleging ervan steeds de toelating vereist van de procureur-generaal bij het hof van beroep van Gent.
Je kan hiervoor een mail sturen naar doc.park.gen.gent@just.fgov.be.
De inventaris
Je kan de inventaris hieronder gratis downloaden in pdf-formaat of online raadplegen via de zoekrobot.
Drossens Paul, Inventaris van het archief van de commissie tot bescherming van de maatschappij van Gent (1931-2002). Reeks Inventarissen Rijksarchief te Gent, nr. 174, Brussel, Algemeen Rijksarchief, 2023.