Doelstellingen

Project OUTLAW wil tegen 2025 vier grote doelstellingen realiseren:

  1. Een online onderzoeks- en valorisatieportaal over Belgische gevangenisarchieven
  2. Het digitaliseren van ongeveer 600 gevangenisregisters van de “morele boekhouding”.
  3. De creatie van een online doorzoekbare databank van bijna 120.000 veroordeelde gedetineerden
  4. Een doctoraatsonderzoek over de impact van sociale kwetsbaarheid in de Belgische strafrechtspraktijk.

1. Een eerste centrale doelstelling van het project OUTLAW is de realisatie van een online onderzoeks- en valorisatieportaal over Belgische gevangenisarchieven (19e-20e eeuw), die de bekendheid en toegankelijkheid van deze fascinerende collecties voor wetenschappers en het grote publiek aanzienlijk zal vergroten. Dit tweetalig portaal (NL/FR) brengt alle Belgische gevangenisarchieven virtueel samen en informeert de bezoeker over de geschiedenis van het Belgische gevangeniswezen, de informatie die in de penitentiaire en de gerelateerde gerechtelijke archieven terug te vinden is en hoe ze te doorzoeken. Het portaal laat bezoekers ook zien hoe je storytelling-technieken kan gebruiken om de lotgevallen van 19de-eeuwse ‘criminelen’ terug tot leven te wekken en in te zetten voor publieksgerichte activiteiten.

2. Om de toegankelijkheid van gevangenisarchieven te verhogen, zal het Rijksarchief ook alle registers van de zogenaamde “morele boekhouding” van de Belgische gevangenissen digitaliseren. Deze registers werden ingevoerd in het Belgische gevangeniswezen vanaf 1855 en bevatten tal van notities over de familieachtergrond, het opleidingsniveau, het gedrag en de fysieke en mentale toestand van de ongeveer 120.000 gedetineerden die tussen 1855 en 1924 in België werden veroordeeld tot een gevangenisstraf.

Voor onze scanmedewerkster Ines Decoodt heeft het scantoestel geen geheimen meer. Ze heeft al meer dan 100 registers gedigitaliseerd.

3. Na het scannen van de registers worden de gegevens van die ca. 120.000 mannelijke en vrouwelijke veroordeelden door vrijwilligers getranscribeerd en ingevoerd in een databank. Deze databank zal een ongekend overzicht bieden van de veroordeelde gevangenisbevolking in België tijdens de tweede helft van de negentiende en het eerste kwart van de twintigste eeuw. Alle gegevens zullen – samen met de gedigitaliseerde beelden – geïntegreerd worden in de bestaande online zoekmachine en het digitale depot van het Rijksarchief en zullen gratis via het online portaal ter beschikking worden gesteld aan het publiek.

Elke genealoog of geïnteresseerde zal kunnen opzoeken of zijn voorvader of –moeder ooit achter de tralies zat. De databank wordt ook een krachtige onderzoekstool voor sociale historici en historische criminologen om de kenmerken en werking van het Belgische rechts- en strafsysteem in die periode bloot te leggen.

Detail uit het register van de morele boekhouding van de centrale gevangenis van Gent. De betrokken vrouw werd in 1921 veroordeeld voor “melkvervalsing”. Ze lengde de melk die ze verkocht blijkbaar aan met 20 tot 25% water en ze was al drie keer betrapt op dezelfde feiten.

4. Binnen het project zal UGent zich toeleggen op een historisch-criminologisch doctoraats­onderzoek over ​​de impact van sociale kwetsbaarheid in het Belgische strafrecht, met nadruk op de periode 1870-1914, toen deze kwestie bijzonder urgent werd. De Belgische samenleving onderging een eerste democratisering, maar bleef gekenmerkt door grote sociaal-economische ongelijkheid. Groeiende bezorgdheid van de overheid over misdaad en de ‘gevaarlijke klassen’ leidde tot verhoogde pogingen om grote delen van de bevolking te disciplineren, met als gevolg een toenemend aantal arrestaties, strafrechtelijke vervolgingen en gevangenisstraffen.

De werkhypothese is dat de aanrakingen van personen met het gerecht fundamenteel verschillen naargelang hun maatschappelijke positie en het bijbehorende sociale kapitaal – hun (on)vermogen om sociale netwerken te kunnen mobiliseren. Door het combineren van kwantitatieve methoden met kwalitatieve diepte-analyse van individuele strafrechtelijke trajecten, peilt dit proefschrift niet alleen naar de topdown justitiële behandeling van deze personen, maar ook naar hun persoonlijke ervaringen en agency.

Door het opsporen van mechanismes van discriminatie via het law-in-action perspectief en het analytische concept van de rechtbank of de gevangenis als een ‘arena’, draagt OUTLAW bij aan een beter begrip van sociale kwetsbaarheid in het verleden, maar ook in het huidige rechtssysteem. Denk aan etnische profilering, racisme, seksuele oriëntatie, klassenjustitie, …